

TUBERI
Fungicide, emulgeerbaar concentraat (EC) op basis van benzovindiflupyr (75 g/L) & prothioconazool (150 g/L)
Vergunningsnummer voor parallelhandel: 32677P/P
Inhoud verpakking: 1 L - 5 L - 7,5 L - 10 L - 20 L
Gebruik en doses
Wintertarwe*, zomertarwe*, wintergerst*, zomergerst*, winterrogge*, zomerrrogge*, winterhaver*, zomerhaver*, wintertriticale*, zomertriticale*, winterspel*, zomerspelt*, winteremmer*, zomeremmer*, wintereenkoorn*, zomereenkoorn*, winterkhorasan*, zomerkhorasan*, winterdurum*, zomerdurum* (* open lucht & open lucht - zaadproductie):
Toepassingstechniek: bespuiting. Gewastype: open lucht: alle; zaadproductie: zaaizaadproductie.
Toepassing wintertarwe, zomertarwe, winterspelt, zomerspelt, winteremmer, zomeremmer, wintereenkoorn, zomereenkoorn, winterkhorasan, zomerkhorasan, winterdurum, zomerdurum: Ter bestrijding van bladvlekkenziekte/septoriose, kafjesbruin, fusarium, bruine roest en gele roest. Stadium: Eerste knoop minstens 1 cm boven uitstoelingsvlak - einde aarvorming: bloeiwijze volledig uit schede tevoorschijn (BBCH 31-59).
Toepassing wintergerst, zomergerst: Ter bestrijding van bladvlekkenziekte, netvlekkenziekte/strepenziekte, bladvlekkenziekte/ramularia, dwergroest. Stadium: eerste knoop minstens 1 cm boven uitstoelingsvlak - einde opzwelling: vlagbladschede van laatste blad maximaal gezwollen (BBCH 31-45).
Toepassing winterrogge, zomerrogge: Ter bestrijding van bladvlekkenziekte en bruine roest. Stadium: eerste knoop minstens 1 cm boven uitstoelingsvlak - einde aarvorming: bloeiwijze volledig uit schede tevoorschijn (BBCH 31-59).
Toepassing winterhaver, zomerhaver: Ter bestrijding van kroonroest. Stadium: eerste knoop minstens 1 cm boven uitstoelingsvlak - einde aarvorming: bloeiwijze volledig uit schede tevoorschijn (BBCH 31-59).
Toepassing wintertriticale, zomertriticale: Ter bestrijding van bladvlekkenziekte, bladvlekkenziekte/septoriose, kafjesbruin, bruine roest en gele roest. Stadium: eerste knoop minstens 1 cm boven uitstoelingsvlak - einde aarvorming: bloeiwijze volledig uit schede tevoorschijn (BBCH 31-59).
Dosis: 1 L/ha. Opmerking: maximum 1 toepassing/teelt
Risicobeperkende maatregelen: bufferzone van 10 m ten opzichte van oppervlaktewater met klassieke techniek.
Gevarenaanduidingen
H317: Kan een allergische huidreactie veroorzaken.
H318: Veroorzaakt ernstig oogletsel
H335: Kan irritatie van de luchtwegen veroorzaken
H410: Zeer giftig voor in het water levende organismen, met langdurige gevolgen.
Aanvullende informatie
EUH401: Volg de gebruiksaanwijzing om gevaar voor de menselijke gezondheid en het milieu te voorkomen. EUH208: Bevat prothioconazool. Kan een allergische reactie veroorzaken.
Veiligheidsaanbevelingen
P261: Inademing van damp en spuitnevel vermijden.
P280: Beschermende handschoenen, beschermende kleding, oogbescherming en gelaatsbescherming dragen.
P302+P352: BIJ CONTACT MET DE HUID: met veel water wassen gedurende minstens 15 minuten.
P305+P351+P338+P310: Bij CONTACT MET DE OGEN: voorzichtig afspoelen met water gedurende een aantal minuten. Contactlenzen verwijderen, indien mogelijk. Blijven spoelen. Onmiddellijk het ANTIGIFCENTRUM of een arts raadplegen.
P333+P313: Bij huidirritatie of uitslag: een arts raadplegen.
P391: Gelekte/gemorste stof opruimen.
Andere vermeldingen
Product uitsluitend bestemd voor PROFESSIONEEL gebruik.
SP1: Zorg ervoor dat u met het product of zijn verpakking geen water verontreinigt.
SPa1: Om resistentieopbouw te voorkomen moet u dit product afwisselen met producten met een ander werkingsmechanisme. De FRAC codes voor het werkingsmechanisme van de werkzame stoffen van dit product zijn 7 en 3.
SPe2: Om in het water levende organismen te beschermen mag het product niet gebruikt worden op erosiegevoelige percelen. Voor het Vlaams Gewest en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest geldt dit voor percelen geklasseerd als “sterk erosiegevoelig”. Voor het Waals Gewest komt dit overeen met percelen geïdentificeerd met een R-code. Indien voorzorgsmaatregelen tegen erosie zoals vastgelegd in de gewestelijke wetgevingen toegepast werden, is het gebruik wel toegestaan.
SPe3: Om in het water levende organismen te beschermen mag u in een bufferzone ten opzichte van oppervlaktewater niet behandelen (zie risicobeperkende maatregelen).
SPo: Na de behandeling de percelen/oppervlakken pas opnieuw betreden nadat de spuitvloeistof is opgedroogd.
De toegelaten dosis is de laagste dosis waarbij de beste werkzaamheid wordt gewaarborgd in de meeste gevallen. Deze dosis kan worden verlaagd onder verantwoordelijkheid van de gebruiker. Bij verlaging van de dosis is het niet toegelaten het maximale aantal toepassingen te verhogen, noch de wachttermijn(en) te verkorten.
Draag steeds basisbeschermingskledij die armen en benen bedekt (indien geen specifieke beschermkledij vereist is), chemisch bestendige handschoenen en vloeistofdichte schoenen of laarzen bij het hanteren en toepassen van gewasbeschermingsmiddelen.
Vernietiging van lege verpakkingen en spuitresten

De zorgvuldig geledigde verpakking van dit product dient met water gespoeld te worden, ofwel manueel (enkele opeenvolgende malen schudden) ofwel met behulp van een reinigingssysteem met water onder druk dat op het spuittoestel geplaatst is. Het bekomen spoelwater moet in de spuittank worden gegoten. De aldus gespoelde verpakking moet door de gebruiker ingeleverd worden op een daartoe voorzien inzamelpunt.
Spuitoverschotten ca. 10 maal verdunnen en verspuiten op het reeds behandeld perceel volgens de gebruiksvoorschriften. Vijvers, waterlopen of grachten niet vervuilen met het product of de lege verpakking. In geen geval mag de lege verpakking opnieuw gebruikt worden voor andere doeleinden. Om spuitoverschotten na de behandeling te vermijden, moet de benodigde hoeveelheid spuitvloeistof nauwkeurig worden berekend aan de hand van de te behandelen oppervlakte en van het debiet per hectare.
Raadgevingen voor de eerste hulp
Algemeen: Hou de verpakking van het product, het etiket of het veiligheidsinformatieblad bij de hand als contact opgenomen wordt met het Noodtelefoonnummer, het Antigifcentrum, arts of voordat met de behandeling begonnen wordt.
Na inademing: Slachtoffer in de frisse lucht brengen. Bij onregelmatige ademhaling of ademstilstand kunstmatige beademing toepassen. Slachtoffer warm en rustig houden. Onmiddellijk een arts of Antigifcentrum waarschuwen.
Na huidcontact: Verontreinigde kleding onmiddellijk uittrekken. Onmiddellijk afwassen met veel water. Als de huidirritatie voortduurt, een arts raadplegen. Verontreinigde kleding wassen voor hergebruik.
Na contact met de ogen: Onmiddellijk spoelen met veel water, ook onder de oogleden, gedurende tenminste 15 minuten. Contactlenzen uitnemen. Onmiddellijke medische zorg is noodzakelijk.
Na inslikken: In geval van inslikken onmiddellijk een arts raadplegen en verpakking of etiket tonen. GEEN braken opwekken.
UFI: 57R2-X02Q-0008-W7GP
Advies voor de geneesheer
Behandeling: Er is geen specifieke antistof verkrijgbaar. Symptomatisch behandelen.
Telefoon Antigifcentrum: 070/245 245.
Waarborg
Daar de bewaring, het transport en gebruik ervan aan onze controle ontsnappen en gezien wij evenmin alle omstandigheden kunnen voorzien, wijzen wij elke verantwoordelijkheid voor de bereikte resultaten en/of voor elke schade die zou voortvloeien uit de bewaring, het transport of de toepassing ervan, van de hand.
